-
Wat is de grappigste film die je kent?
Arsenic and Old Lace van Frank Capra uit 1944, met in de hoofdrol Cary Grant. Daar ben ik echt bijna ziek van het lachen geworden voor de televisie: ik kreeg het benauwd, ik moest naar adem happen, ik zocht wanhopig naar een glaasje water. Het is een toneelstuk dat veel door amateurgroepen wordt opgevoerd en dan vaak niet leuk is omdat amateurs slecht kunnen timen. Maar als je het zo goed doet als Capra en Grant samen, dan kom je niet meer bij! Ik heb de film slechts één keer gezien op België. Daarna heb ik hem helaas nooit meer terug kunnen vinden.
-
Welke film heeft je diep ontroerd?
Dat zijn de afgelopen dertig jaar heel veel films geweest. En meestal is het ook wel voor de hand liggende ontroering. Wat dat betreft is de film waar ik het het hardste heb moeten huilen volgens mij E.T. van Spielberg. Minder voor de hand liggend was een scene in La Luna van Bernardo Bertolucci uit 1979, waarin een moeder en een zoon met een kauwgomsliert aan elkaar verbonden zijn. Het is een bijzondere, Freudiaanse film over een jongen die verliefd is op zijn moeder, een operazangeres. Hun vreemde band wordt gesymboliseerd door een navelstreng in de vorm van een kauwgomsliert. Dat moment ontroerde op een hele andere manier.
-
Welke film associeer jij met verliefdheid?
Dat doe ik eigenlijk niet zo snel. Verliefheidheid, verliefheid... ik denk dat ik dan toch iets nouvelle vague-achtigs noem. À bout de souffle van Jean-Luc Godard bijvoorbeeld. Maar verliefdheid en film zijn in mijn ogen twee totaal verschillende dingen. Verliefdheid is echt, terwijl film een heleboel is, maar nooit écht. Bij verliefdheid spelen wat mij betreft hele andere emoties dan bij het kijken naar een film.
-
Wat is de engste film die je kent?
Het engste dat ik in mijn leven heb gezien was een Nederlandse sf-serie eind jaren vijftig: Morgen gebeurt het heette dat, met Ton Lensink als ruimtevaarder. Het was een soort bordkartonnen Star Trek, maar dan op zijn Nederlands. Ik was zes, zeven, en vond het echt dóódeng. In de films was Hitchcock denk ik het allerengste dat ik gezien heb, en dan vooral The Birds. Die beesten mikten op je ogen, dat maakte het nog zóveel enger. Ik zag laatste een mooie documentaire op Arte over film en psychoanalyse. Het engste voor een mens is als er een aanval wordt gedaan op zijn ogen: je zicht kwijt raken is een gruwelijke angst. Daarom is die scene uit Un chien andalou van Bunuel met dat scheermes ook zo wereldberoemd geworden.
-
Wat is de beste actiefilm die je kent?
Dat is zonder enige twijfel Die Hard, van de nu zo controversiele John McTiernan. Die film is goed gemaakt, én erg spannend, én ontzettend goed getimed. Maar ook het scenario klopt, dat is iets dat vaak ontbreekt in actiefilms. Er zitten zoveel dubbele lagen in het verhaal, dat je elke keer weer voor nieuwe verrassingen komt te staan.
-
Wat is de beste film die je kent?
Dat is een idiote vraag: zelfs als je er één kiest, dan is het een moment later toch weer een ander. Als je me nu een pistool op de borst zou zetten, zou ik er vijftig kunnen noemen. Als je me dan het pistool tegen mijn slaap zou zetten, zou ik daar weer tien uit selecteren. En als je dan óók nog zou dreigen de trekker over te halen, noem ik nu Singin' in the Rain van Gene Kelly en Stanley Donen. Het is de beste film die ik ken in mijn favoriete genre, de musical. Bovendien is het een film die over film gaat, daar heb ik een voorliefde voor. Én het is een film uit mijn geboortejaar, 1952: dat schept toch een bijzondere band. Maar het blijft een idiote vraag.
-
Wat was jouw mooiste filmervaring?
Dat weet ik nog wél! Dat was de screening om half negen 's ochtends van Manhattan van Woody Allen op het Filmfestival van Cannes in 1979: dat was mijn eerste keer Cannes. Het was nog in het oude festivalcomplex, waar nu het Hilton staat. Het was toen nog een leeg bordes, dus zonder rode loper erop. Het was een prachtig Cannes-jaar om te beginnen: Apocalypse Now ging in premiere, Die Blechtrommel, Norma Rae, en dus Manhattan van Woody Allen. Die film draaide op één van de eerste dagen, het was bewolkt weer. Ik ging naar binnen, keek de film, was erg onder de indruk. Toen ik weer buiten kwam, keek een stralende zon op me neer. Op het bordes stond een Chinese delegatie, toen nog in van die Mao-pakjes, na te praten in onverstaanbare klanken. Dat gevoel dat ik tóen had: 'dit soort ervaringen wil ik de rest van mijn leven hebben!
-
Welke filmscène heeft op jou diepe indruk gemaakt?
Ik heb heel veel bijzondere filmscènes gezien natuurlijk. Maar één van de best gemaakte scènes, puur ambachtelijk, vind ik het sproeivliegtuigje in North by Northwest van Hitchcock. Die scène is zó onwaarschijnlijk goed getimed en gemonteerd: zelfs na bijna vijftig jaar heeft dat moment niets aan kracht ingeboet. Een soortgelijke scène die helemaal niet gemonteerd is, maar toch ijzersterk, is het moment in Lawrence of Arabia waarin je in de woestijn in de verte een stipje aan ziet komen. Uiteindelijk blijkt het een kameel te zijn. Die scène is amper gemonteerd, maar er gaat even veel dreiging van uit als van dat sproeivliegtuigje van Hitchcock. Dat zijn twee uiterste die aantonen welke effecten je met film kan bereiken.
-
Wat is de eerste film die je je kunt herinneren?
Dat weet ik niet meer, dat is heel gek. Ik heb er wel vaak over nagedacht, maar ik zal je uitleggen waarom. We hadden thuis vroeger een super-8-projector, waarop mijn vader vaak filmpjes vertoonde. Ik kan me nog een verjaardagspartijtje herinneren voor mij of mijn zus, daar wil ik vanaf wezen: mijn vader had bij de 8mm-boer een aantal Amerikaanse speelfilmpjes gehuurd. Dat heeft diepe indruk op me gemaakt, al heb ik dus geen idee wat voor films het waren. Het waren geen volledige speelfilms, daar waren die spoelen veel te kort voor. Ik herinner me nog het beeld van een vrouw in een lange jurk die de trap af kwam, maar verder verveelde iedereen zich: de andere kinderen wilden veel liever Laurel en Hardy zien. Mijn eerste bioscoopervaring was in elk geval Fanfare van Bert Haanstra in 1958. Toen was ik vijf. Meer indruk maakte vijf jaar later Summer Holiday met Cliff Richard, waar ik met mijn oma heen ging: dat is ook lange tijd mijn lievelingsfilm geweest.
-
Wat is je favoriete Nederlandse film?
Dat is De witte waan van Adriaan Ditvoorst uit 1984. Met Thom Hoffman als heroinejunk met grootheidswaan die ergens in een verlaten fabriek woont. Het verhaal eindigt ermee dat hij zijn bejaarde moeder euthanaseert met pilletjes. Het is een merkwaardige, on-Nederlandse film. Er zijn hooguit vijfduizend mensen heen geweest toentertijd. Maar het is en blijft wel de meest bijzondere, merkwaardige en excentrieke Nederlandse film die ik ooit heb gezien.
-
Van welke film had jij zelf de hoofdrol willen spelen of de regie willen doen?
Wie ik wel erg graag had willen zijn, was Humphrey Bogart in Casablanca. Die wás ik ook wel eigenlijk. Met zijn slappe hoed en zijn geheimzinnige avontuurlijke bestaan. En dan uiteindelijk Ingrid Bergman veroveren. Of toch niet uiteindelijk, wat natuurlijk nog véél mooier is. Die loner spreekt me wel erg aan. Merkwaardigerwijs ben ik óók vaak Woody Allen. Die weer Humphrey Bogart was in Play it again Sam.
Reacties (0)
Er zijn nog geen reacties.