Omdat pa's psychiater hem een egotrip heeft voorgeschreven, moet Howell zijn studie zelf bekostigen. Een beurs is voor het rijkeluiszoontje niet weggelegd en daarom neemt hij zijn toevlucht tot bruiningspillen, zodat hij gebruik kan maken van een subsidie voor zwarte studenten. Relaties met de dochter van de schoooldecaan, die al begint te hijgen als ze een vertegenwoordiger van een minderheid in het oog krijgt, en met Chong (die zich met haar rol het ongenoegen van zwarte emancipatiegroepen in de VS op de hals haald) leiden tot een Feydeau-achtige klucht vol open- en dichtslaande deuren. Treuriger nog dan het gebrek aan humor van de makers is hun pseudo-vrijzinnige benadering. Grapjes over potentie en basketball worden gepresenteerd als speldeprikjes aan het adres van het vooringenomen gedeelte van het publiek, maar zijn in wezen tekenend voor het clichématige denken van regisseur Miner c.s. © Filmjaarboek
Reacties (0)
Er zijn nog geen reacties.