| 50 |
Teren op oud succesDe poging om oud vuur te laten herleven weet regisseur Justin Lin alleen te bewerkstelligen als het gaat om zijn spectaculaire actiescènes. Walker en Diesel missen chemie door het weinig verheffende verhaaltje. Het aantal racepartijtjes is ook aan de magere kant. Arjan Welles - Film1 |
Degelijke formulefilm"Temidden van al het virtuoos gechoreografeerd tumult blijft Vin Diesel, voor het eerst sinds deel één weer te zien als superchauffeur Dominic Toretto, een onverwoestbaar rustpunt." Kevin Toma - De Volkskrant |
|
Opgevoerde vroemvroem"...juist dit soort producties (...) zijn de echte avant-garde van Hollywood. Hier kunnen regisseurs en special effects-teams zich experimenten veroorloven en uit de bocht vliegen op manieren die James Bond of de Watchmen tot watjes reduceren." Dana Linssen - NRC Handelsblad |
|
Zwaktebod van een gevallen ster"Zonder de relativerende knipoog van Cohen is de amusementswaarde van de opgefokte poses gering, terwijl de races niet in de schaduw kunnen staan van vergelijkbare scènes in Speed racer." Bart van der Put - Het Parool |
Teren op oud succes
door Arjan Welles
Het in 2001 verschenen autoracespektakel The Fast and the Furious betekende een enorme boost voor de carrières van zowel Vin Diesel als Paul Walker. Toen bij de twee vervolgen 2 Fast 2 Furious en Tokyo Drift de heren een voor een afdropen, bleek dat het succes van de films grotendeels dreef op de chemie tussen de twee. Helaas bleek de inspiratie voor het nieuwste deel niet alleen op te zijn wat betreft het kiezen van de titel, maar hebben ook Diesel en Walker elkaar niet veel meer te melden. Want Fast & Furious is vooral een herhaling van zetten.

Het begint al niet al te best met de openingsscène; op de aankleding en omgeving na toch wel een beetje jatwerk van het eerste deel. Het is allemaal een tandje spectaculairder en de Taiwanees Justin Lin, die ook Tokyo Drift regisseerde, heeft een prima oog voor het betere actiewerk. Hij grijpt de aftrap, die zich afspeelt in een bergachtig gebied in de Dominicaanse Republiek, aan om meteen maar zijn vakmanschap in de strijd te gooien. De scène dient ook gelijk als excuus om meer bekende gezichten, zoals die van Jordana Brewster (als Diesels filmzus Mia) en Michelle Rodriguez (als Diesels filmliefje Letty), te herintroduceren.
Mocht Walker in eerdere delen nog als politieagent aan de slag, inmiddels is zijn personage Brian O'Connor gerekruteerd door de FBI om een Mexicaanse drugsbaron in te rekenen. Maar ook Dom (Diesel) heeft nog een appeltje met deze crimineel te schillen, omdat hij hem verantwoordelijk houdt voor een fataal ongeluk. Zonder al te veel slag of stoot weten de heren zich in de inner circle van de Mexicaan te werken, waarbij (natuurlijk) alles draait om snelle auto's en heftige racepartijtjes.
Lamme subplotjes en weinig gerace
Zoals eigenlijk in alle delen uit de reeks, zou het magere verhaaltje van Fast & Furious als kapstok moeten dienen om zoveel mogelijk ronkende motors en autocapriolen op de kijker af te vuren. Maar dit keer is het eigenlijk maar een scène of drie waarin Walker en Diesel vol gas mogen. En als de eerste van deze drie al in het begin zit dan blijkt scenarist Chris Morgan - onder meer verantwoordelijk voor het uiterst geslaagde Wanted - de resterende speelduur nodig te misbruiken om een zwak verhaal uit te smeren. Lin en Morgan hebben niet ingezien dat hun publiek vooral veel snelle auto's wil zien en niet zo zit te wachten op lamme subplotjes over ex-geliefden en vergane vriendschappen.
Waar het een jaartje of acht geleden nog verfrissend was om de hele alternatieve autoracecultuur te portretteren, wordt dit element er nu met de haren bijgesleept op decadente overhippe feestjes. Diesel en Walker proberen wanhopig hun complexe vriendschap diepte te geven, maar zijn zichtbaar opgelucht als ze zich weer kunnen verschuilen in een snelle bolide. Van de dames mag vooral Brewster opzitten en mooi wezen. Rodriguez komt wel even in actie, maar wordt vooral tijdens een afgeraffeld moment van dramatiek ernstig tekort gedaan.
Wat overblijft zijn een stuk of drie spectaculair in beeld gebracht racepartijtjes. Want Lin verstaat zijn vak prima en lijdt niet aan de overijverige zap- en monteerdrift die veel soortgelijke actieregisseurs wel hebben. Fast & Furious bewijst dat een stel bekende gezichten nog niet een franchise kan doen herleven.


Mocht Walker in eerdere delen nog als politieagent aan de slag, inmiddels is zijn personage Brian O'Connor gerekruteerd door de FBI om een Mexicaanse drugsbaron in te rekenen. Maar ook Dom (Diesel) heeft nog een appeltje met deze crimineel te schillen, omdat hij hem verantwoordelijk houdt voor een fataal ongeluk. Zonder al te veel slag of stoot weten de heren zich in de inner circle van de Mexicaan te werken, waarbij (natuurlijk) alles draait om snelle auto's en heftige racepartijtjes.
Lamme subplotjes en weinig gerace
Zoals eigenlijk in alle delen uit de reeks, zou het magere verhaaltje van Fast & Furious als kapstok moeten dienen om zoveel mogelijk ronkende motors en autocapriolen op de kijker af te vuren. Maar dit keer is het eigenlijk maar een scène of drie waarin Walker en Diesel vol gas mogen. En als de eerste van deze drie al in het begin zit dan blijkt scenarist Chris Morgan - onder meer verantwoordelijk voor het uiterst geslaagde Wanted - de resterende speelduur nodig te misbruiken om een zwak verhaal uit te smeren. Lin en Morgan hebben niet ingezien dat hun publiek vooral veel snelle auto's wil zien en niet zo zit te wachten op lamme subplotjes over ex-geliefden en vergane vriendschappen.
Waar het een jaartje of acht geleden nog verfrissend was om de hele alternatieve autoracecultuur te portretteren, wordt dit element er nu met de haren bijgesleept op decadente overhippe feestjes. Diesel en Walker proberen wanhopig hun complexe vriendschap diepte te geven, maar zijn zichtbaar opgelucht als ze zich weer kunnen verschuilen in een snelle bolide. Van de dames mag vooral Brewster opzitten en mooi wezen. Rodriguez komt wel even in actie, maar wordt vooral tijdens een afgeraffeld moment van dramatiek ernstig tekort gedaan.
Wat overblijft zijn een stuk of drie spectaculair in beeld gebracht racepartijtjes. Want Lin verstaat zijn vak prima en lijdt niet aan de overijverige zap- en monteerdrift die veel soortgelijke actieregisseurs wel hebben. Fast & Furious bewijst dat een stel bekende gezichten nog niet een franchise kan doen herleven.






